In een eerste periode (Ca. 1200
tot ca. 1320) werden de zuidelijke en noordelijke
kruisbeuk, de zijbeuken en het hoofdschip
opgetrokken. Aansluitend begon men met de
eerste drie traveeën van het koor.
Sommigen vermoeden dat de vroegere kerk
stuksgewijs werd afgebroken om plaats te
maken voor het nieuwe kerkgebouw. Het werk
begon kort na 1200.
Het oudste gedeelte is de oostelijke muur
van de zuidelijke dwarsbeuk (achter het
Sint-Anna-altaar met het schilderij ,,Jezus
aan het Kruis" van Antoon van Dyck)
waar in 1899 oude muurbogen werden ontdekt.
Dan volgden de vier machtige pijlers van
de viering; de zuidelijke en de noordelijke
dwarsbeuk waren omstreeks 1250 voltooid.
Tussen 1250 en 1310 werden dan het schip
en de zijbeuken opgetrokken. In de loop
van die lange jaren gingen de elkaar opvolgende
bouwmeesters, hoewel trouw aan het grondplan,
toch elk naar eigen inzicht en mogelijkheden
te werk.
Op 28 april 1312 werd de kerk ingewijd en
in gebruik genomen: op dat ogenblik werd
nog gebouwd aan de rechte koortraveeën die
pas werden voltooid in de eerste helft van
de l4de eeuw.
Naar
boven
De
tweede bouwfase | De
derde bouwfase
BRON
http://www.kerkmechelen.be
|